De ''Brette Hoanne''

​Een van de typische kleine water- en ijsherbergjes, waarmee Friesland voorheen bezaaid is geweest, was ,,De Brette Hoanne" aan het Tjeukemeer op de hoek, waar de Lemsterrijn in het meer uitmondt. Er was daar vroeger veel drukte van schippers, die er aanlagen en van lui van het dorp, die er met lange avonden ook een gezellig onderdak vonden. Wanneer in de winter het ijs sterk was kwamen van heinde en ver de paren en de ‘kloften’, die op schaatstocht overal ‘aanstaken’, wat warms gebruiken en ‘foar de fioele gynge’, er leuk dansten. Daar heeft ook de Brette Hoanne zijn aandeel in gehad.

 

Maar wat heeft deze herberg te maken met gebraden haan zult u denken. De volksmond verhaalt daaromtrent, het volgende:
De kastelein aldaar had indertijd nogal hinder van schippersvolk, dat 's winters in de nabijheid door de vorst overvallen werd en dan uit verveling en balorigheid allerlei streken uithaalde, welke de kastelein lang niet altijd naar de zin waren. De vrijpostigheid werd soms zover gedreven, dat zelfs de pot op 't vuur niet veilig bleek te zijn, als de varensgezellen in de jachtweide zich om de haar gezet hadden. Toen de kasteleinse zich hierover eens weer bij haar man beklaagde, besloot hij afdoende een eind aan dat ‘sline’ te maken. Hij liet zijn vrouw een kat braden, waaruit de beentjes van te voren zoveel mogelijk verwijderd waren. Aldus geschiedde. Zodra nu het bradende poesje in de gelagkamer zijn heerlijke geuren te midden van het varensvolk verspreidde, werd al gauw aan den herbergier gevraagd, wat voor lekkers hij thans in den pot had, waarop hij droogjes antwoordde: ‘een haan!'. Vervolgens liet hij zijn gasten een poosje alleen, en ook thans konden zij de verleiding niet weerstaan, om van gelegenheid gebruik te maken en eens te gaan snoepen, met het gevolg, dat toen de kastelein weer bij zijn tapkast terugkeerde, de vermeende haan zo goed als geheel opgepeuzeld was. In plaats van daarop hun verontschuldiging aan te bieden, durfden de varensgezellen nog te snoeven over de ‘grap’ doch toen vervolgens de kastelein op zijn beurt voor de dag kwam met de mededeling, dat het zijn ‘âld boarre’ was geweest, waarvan zij gesmuld hadden, keken zij lelijk langs hun neus, terwijl de herbergier en zijn vrouw in hun vuistje lachten en de laatste niet kon nalaten uit te roepen: ‘Sa komme de slynders ta pas!’ Op weerwraak zinnend, dropen de kornuiten af, doch konden niet verhinderen, dat het herbergje sedertdien de naam kreeg van ‘De Brette Hoanne’ en het draagt deze naam nog tot op hedendag.

Haven 06-2020-13.jpg

Wist je dat?
Het logo van de Brette Hoanne is geïnspireerd op de legakkers waar de schippers, die geregeld bij de Brette Hoanne aanmeerden, hun turf vandaan haalden? En dat de kleuren die we gebruiken zijn afgeleid van de kleuren van een haan? Omdat de Nederlandse vertaling van 'Brette Hoanne' gebraden haan is.

Molenweg 10 8536 TL Oosterzee | info@brettehoanne.nl

© 2021 Brette Hoanne